Molenzorg
Neeroeteren (Maaseik), Limburg
<p>Langerenmolen</p>
Foto: Wim Jans, 2007
Naam

Langerenmolen

Ligging Grotlaan 33A
3680 Neeroeteren (Maaseik)

op de Bosbeek
kadasterperceel B704


toon op kaart
Geo positie 51.086536, 5.717366
Eigenaar M. Reynders
Gebouwd 1551 / 1860
Type Onderslag watermolen
Functie Korenmolen
Kenmerken Vroegere volmolen
Gevlucht/Rad Houten onderslagrad (verwijderd)
Inrichting Nog gedeeltelijk
Toestand Gerenoveerd als woning
Bescherming M: monument, DSG: dorps- en stadsgezicht, L: landschap,
21.01.1987
Molenaar Geen
Openingstijden Niet toegankelijk
Ten Bruggencatenummer 11841

Beschrijving / geschiedenis

De Langerenmolen werd opgericht als volmolen bij octrooi verleend  door prinsbisschop Georges van Oostenrijk op 20.01.1551 aan Guert (Geert, Gerard) van Meuwen, burger van Maaseik en gewezen schout van de prins-bisschop. Jaarlijks moest hij een cijns van 5 Karolusgulden betalen aan de rentmeester te Stokkem. De oprichter bleef eigenaar tot na 1566.
In 1730 werd de molen gekocht door Jacob Thys, abt van de Sint-Jozefsbroeders te Achel voor 3400 gulden. In 1792 kocht Lambert Pipers de molen voor 635 "Carolinen" of 8890 gulden.

De molen staat aangeduid op de Ferrariskaart (1771-77): hij ligt volledig afgezonderd, het gebied is op dat ogenblik nog onontgonnen, en bestaat uit de vochtige beemden van de vallei van de Bosbeek; de molen was met een weg verbonden met de huidige Schootsheidestraat.
De molen staat op dezelfde wijze afgebeeld in de Atlas van de Buurtwegen (1845); er zijn echter een aantal gebouwen bijgekomen, ten noorden van de molen, en een bakhuis ten oosten; de molen wordt hier Pypermolen (naar eigenaar Pipers) genoemd. Deze gebouwen zijn ondertussen verdwenen.
Voor 1807 werd de molen omgevormd als oliemolen.

Eigenaars na 1840:
- voor 1844, eigenaar: Pipers-Lalieu Jan, landbouwer te Neeroeteren
- 1859, erfenis: Pipers-Lalieu Jan, de weduwe en kinderen te Neeroeteren
- 1861, verkoop: verkoop: Opt'Eynde Pieter en Willem, molenaars te Dilsen
- 1869, verkoop: Opt'Eynde Pieter, molenaar te Dilsen
- 1883, verkopo: Pipers Theodorus, rentenier te Neeroeteren
- 1894, erfenis: a) Pipers-Spierts Pieter, landbouwer te Neeroeteren, b) Pipers-Gos Stanislas, onderwijzer te Diepenbeek
- 1904, erfenis: a) Pipers-Spierts Pieter, landbouwer te Neeroeteren, b) Pipers-Gos Stanislas, de weduwe en kinderen, te Neeroeteren
- 1909, eigenaar: a) Pipers-Spierts Pieter,de erfgenamen, b) Pipers-Gos Stanislas, de weduwe en kinderen, te Neeroeteren
- 1918, erfenis: Pipers-Gos Stanislas, de kinderen
- 1920, verkoop: Samenwerkende Maatschappij "Langerenmolen" te Neeroeteren
- 1937, verkoop: Van Aken-Fraikin Pieter, landbouwer en molenaar te Neeroeteren
- 1961, verkoop: Van Aken-Geraerts Albert, landbouwer te Neeroeteren
- 1968, verkoop: Lenders-Goolaerts Francis, kinesitherapeut te Mortsel
- 2014, eigenaar: Reynders M.

De Bestendige Deputatie van de provincie Limburg keurde op 14 juni 1848 de vastgestelde pegelhoogte van 0,600 meter goed. De toenmalige eigenaar was Jean Pipers-Lalieu.

In 1860 werd de molen herbouwd in steen en ingericht als graan- en oliemolen. Later werd het enkel een graanmolen.

Sinds 1971 is het gebouw ingericht als woonhuis. Van het houten onderslagrad blijft niets meer over. De houten wateras steekt nog door de muur, verscholen achter het struikgewas. Het binnenwerk is nog gedeeltelijk aanwezig, zoals het gietijeren spoorwiel.
 
Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

Architectuur (Agentschap Onroerend Erfgoed)

De watermolen is thans een rechthoekig gebouw van één bouwlaag onder mank zadeldak (mechanische pannen). Bakstenen gebouw met waarschijnlijk gewijzigde muuropeningen. Het thans verdwenen molenrad bevond zich in de linkerzijgevel; het was een onderslagmolen. Zijgevels met aandak en vlechtingen.

<p>Langerenmolen</p>

Foto: Lieven Denewet, 1987

<p>Langerenmolen</p>

Foto De Groot oid. (coll. H. Rona - W. Jans)

<p>Langerenmolen</p>

Foto: Will Urselmann, Maastricht, 14.08.2010

<p>Langerenmolen</p>

Foto: Archief Gazet van Antwerpen (anno 1954)

<p>Langerenmolen</p>

Prentkaart. Verzameling Ons Molenheem

<p>Langerenmolen</p>

Tekening: Alfons Exelmans (?Neeroeteren 1937)

Aanvullende informatie

Drie sagen

Op de Langerenmolen woonden vroeger Jezuïten. Omdat de paters bang waren dat de molen door de Fransen in beslag zou worden genomen, werd er een akte opgesteld waarin de molen werd overgedragen aan een zekere X. Na de Franse Revolutie wilde X. de kloostermolen echter niet aan de paters teruggeven. Toen X gestorven was, vertelde men dat hij in de molen moest komen spoken. Wanneer de laatste van X' nakomelingen sterft, zal de molen weer in het bezit van de paters komen.

----

De Langerenplaats en de Langerenmolen waren eigendom van paters. Omdat de paters bang waren dat hun eigendom door de Fransen in beslag zou worden genomen, werd er een akte opgesteld waarin het hele klooster werd overgedragen aan een zekere X. Na de Franse Revolutie wilde X het klooster echter niet aan de paters teruggeven. Toen X gestorven was, moest hij komen spoken. Vaak hoorde men in het klooster een vreemd gerammel.

-------

De Langerenmolen was eigendom van de abdij van Achel. Tijdens de Franse Revolutie lieten de paters een verkoopsakte opmaken, waardoor de molen formeel het bezit werd van een zekere X. Door die administratieve maatregel zouden de Fransen de molen van de paters niet in beslag kunnen nemen. Na de Franse Revolutie wilde X de verkoopsakte echter niet vernietigen. Omdat X de molen niet aan de paters wilde teruggeven, moest hij na zijn dood komen spoken. Het spook zat in een zetel die begon te gloeien, en de deuren van de stal en de schuur vlogen open met een hels lawaai. Stipt om middernacht was alles voorbij. Nadat een pater de molen had gezegend en het spook had verbannen naar het Beesbos, gebeurden er geen vreemde dingen meer.

Bron: R. Celis, Leuven, 1954.

 

Literatuur

Lieven Denewet, "Inventaris van de Limburgse watermolens met hun pegelhoogtes (1846-1849)", Molenecho's, 39, 2011, nr. 2
Herman Holemans & Werner Smet, "Limburgse watermolens. Kadastergegevens: 1844-1980", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1985;
G. Mersch, in: "Maaseik. Ontstaan en groei van een grensstad", Antwerpen, 1994, p. 161-168.
J. Plusquin, "Bespreking van enkele oude hoeven in Neeroeteren", Hasselt, 1984-'85.
P.J. Maas, "Geschiedenis van Neeroeteren", Roeselare, 1905-1906;
Bert Van Doorslaer, "Met de stroom mee of tegen de wind in: "Molens in Limburg", Borgloon/Rijkel, Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed, 1996, p. 41;
"Op weg naar de watermolens in het Oeterdal", Neeroeteren, V.V.V. Oeterdal, s.d.;
H. Heymans, "Watermolens te Neeroeteren", in: "Industrieel erfgoed", Driemaandelijks tijdschrift van de Vlaamse Vereniging voor Indsutriële Archeologie vzw, II, 1984, nr. 6, blz. 15-18, ill.
H. Cuppens & W. Smet, "Limburgse watermolens. Molens op de Aabeek-Bosbeek en Itterbeek", St.-Niklaas, 1980.


Laatst bijgewerkt: zaterdag 24 maart 2018
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens