Molenzorg
Leffinge (Middelkerke), West-Vlaanderen
Naam

Groenhagemolen
Molen Rommel

Ligging Groenhagestraat 21
8432 Leffinge (Middelkerke)

vroegere Wilskerkestraat
kadasterpercelen
B441e (houten molen)
B441c (stenen molen)
51°10'26.19" N 2°52'29.31" E


toon op kaart
Geo positie 51.173843, 2.873051
Eigenaar Gemeente Middelkerke
Gebouwd 1852 (hout) / 1871 (steen)
Type Staakmolen, later stenen grondzeiler
Functie Korenmolen
Kenmerken Licht verhoogde romp; houten roeden met ijzeren pestels
Gevlucht/Rad Verdwenen in 1940
Inrichting Nog gedeeltelijk
Toestand Matig
Bescherming M: monument, DSG: dorps- en stadsgezicht,
03.05.2005
Molenaar Geen
Openingstijden Na de renovatie
<p>Groenhagemolen<br />Molen Rommel</p>

Foto: Herman Vanhoutte, Wevelgem, 06.08.2013  

Beschrijving / geschiedenis

De Groenhagemolen of molen Rommel is een stenen korenwindmolen, type grondzieler, in de Groenhagestraat nr. 21.

Zijn geschiedenis is niet moeilijk te achterhalen: boven de toegangsdeur is een stichtingssteen te vinden met het inschrift: LOUIS DEVOS / 1871 Bovendien vonden we in het Provinciaal Archief de bouwaanvraag en -vergunning terug. Op 21 maart 1871 vroeg Louis Devos (Leffinge, 1829-1891), een molenaarszoon van de Zuidmolen te Leffinge, de toelating om op een grondperceel dat hij gekocht had van landbouwer Pieter Maenhoudt-Strubbe uit Klemskerke (sectie B nr. 441c) een stenen graanwindmolen te bouwen. In zijn verzoekschrift meldde Louis Devos dat hij de molen graag al tegen de maand juli in werking wilde hebben! De gemeenteraad van 20 mei 1871 bracht, onder burgemeester Philip Depla, een gunstig advies uit en er werd tijdens het openbaar onderzoek geen verzet aangetekend. In juni 1871 verleende de Bestendige Deputatie van de provincie West-Vlaanderen de toestemming.

Louis Devos kon echter gebruik maken van de onderdelen van een staakmolen die hij op 29 april 1870 gekocht had van de oude molenaar Frans Lamote. Deze molen werd pas in 1852 gebouwd en stond op perceel sectie B nr. 444e, aan de westzijde van het woonhuis. De nieuwe stenen molen kwam er aan de oostzijde van.

Opeenvolgende eigenaars:
- 1852, opbouw houten molen: (van de grond) Deschipper Joannes, landbouwer te Leffinge en (van het gebouw) Wolle-Houvenaeghel Pieter, molenaar te Leffinge
- 18.05.1853, verkoop: (van het gebouw) Van Troostenberghe Augustinus, boswachter te Loppem (notaris Verhuslt)
- 27.09.1854, verkoop (van de grond) Lamote-Van Audenaerde Franciscus, molenaar te Leffinge (notaris Verhulst)
- 29.04.1870, verkoop: Devos Louis, molenaar te Leffinge (notaris Boutens)
- 1871, opbouw stenen molen: dezelfde Devos Louis, molenaar te Leffinge
- 22.02.1891, erfenis: Pottier-Faict Isidoor, molenaar te Leffinge (overlijden van Louis Devos)
- 18.01.1897, verkoop: Pottier-Denduyver Henri, molenaar te Eernegem (notaris Vanderheyde - stenen molen)
- 09.01.1900, erfenis: en de erfgenamen van de vrouw (overlijden van vrouw Denduyver), waaronder: Rommel Louis, °Eernegem 02.12.1847, +Leffinge 16.11.1936, gehuwd met Romanie Kint
- 15.01.1914, deling: Pottier-Verstraete Henri, molenaar te Eernegem (notaris Faict)
- 29.11.1919, verkoop: Rommel-'T Jonck Octaaf Louis Henri (Varsenare 11.05.1884 - Leffinge 15.02.1956), molenaar te Leffinge (notaris Faict)
- 15.02.1956, erfenis: de weduwe (Valentine 'T Jonck, Snaaskerke 1886 - Leffinge 1964) en de kinderen (overlijden van Octaaf Rommel)
- 17.05.1962, deling: Rommel Omer Gustaaf (°Leffinge 1926 - +Oostende 2007), handelaar te Leffinge (notaris Ancot)
- 2007, erfenis: Rommel Willy, Maria, Marleen, Daniël en Geert (neven en nichten van Omer Rommel - overlijden van Omer Rommel)
- 2011, verkoop: Gemeente Middelkerke

Na het overlijden van stichter Louis Devos (1891) werd de molen geërfd door Isidoor Pottier, molenaar te Eernegem die gehuwd was met Louis Devos’ nicht Silvie Faict. Hun zoon Hendrik Pottier-Verstraete verkocht het molenerf in 1919 aan Octaaf Rommel (Varsenare 1884-Leffinge 1956), gehuwd met Valentine ’T Jonck (Snaaskerke 1886-Leffinge 1964). Al vanaf 1897 werd de molen door de familie Rommel bemalen, met name door Louis Rommel (Eernegem 1847 -  Leffinge 1936), gehuwd met Romanie Kint (1852-1931). Hij was afkomstig van de Zeewegmolen te Varsenare, een staakmolen die op 10 december 1885 omgewaaid was.

In 1929 werd naast de molen een maalderij met armgasmotor (gaz pauvre) opgericht, die door de gebroeders Octaaf (zie hoger) en Jerome Rommel (Varsenare 1888 – Leffinge 1980) werden uitgebaat. De zonen René (°Leffinge 1921), André (°Leffinge 1924) en Omer Rommel (°Leffinge 1926 - +Oostende 2007) hielpen de maalderij uitbaten, maar de twee oudsten weken uit naar Oostende. Tot in 1986 baatte Omer Rommel, die daarna nog een twintigtal jaar het molenaarshuis bewoonde, de maalderij uit. Daar bevindt zich nog een Deutz-dieselmotor, twee steenkoppels, een haverpletter (beneden), een graankuiser en builmolen (boven).

Van de windmolen werden de mansardekap en het gevlucht (nog een houten buitenroede met ijzeren pestel) in 1940 verwijderd. Eén van de roeden werd toen aangebracht in de houten molen van Vlissegem.

De romp is opgetrokken in gele baksteen (21 x 10 x 7 cm) en was vroeger gewit, buiten de kroon (een kleine, latere verhoging) en de bogen van rode baksteen omheen de vensters. De molen was nooit een oliemolen, maar toch stond op het gelijkvloers een kollergang om voederkoeken te breken. Tegen de eerste zoldering zit op het ondereind van de (nu afgezaagde) koningsspil een kamwiel met 39 kammen dat het steenwiel van de pletstenen aandreef. Op de eerste zolder stond een haverpletter en een bonenbreker en op de tweede ligt nog een steenkoppel.

De laatste molenaar Omer Rommel vertelde ons in 2005 geen restauratieplannen te hebben. Maar zoals we al stelden, zijn we erg verheugd dat de molenromp mét zijn binnenwerk en mét zijn erf (waaronder een complete mechanische maalderij) behouden blijven. Het is een gunstig gegeven dat molens steeds meer samen met hun erf worden gewaardeerd. En hiermee bedoelen we helemaal niet een keurig aangelegd bloemperkje of graspleintje (met de molen als een “opgesmukte siereend”), maar wel de erfgoed-eenheid van de molen met het molenaarshuis, het gebouwtje met de mechanische maalderij, tot en met het (door karrensporen doorgroefd) kasseiweggetje dat over het erf loopt…

We waren dan ook gelukkig dat Vlaams minister Paul Van Grembergen de molensite op 3 oktober 2003 op de ontwerplijst plaatste van voor bescherming vatbare monumenten en samen met de onmiddellijke omgeving als dorpsgezicht. Komen in aanmerking om als monument te worden beschermd: de molenromp, het gebouw met de mechanische maalderij, het bakhuis en de kasseiverharding, met “inbegrip van de cultuurgoederen die er integrerend deel van uitmaken”, wat hier o.m. slaat om het nog aanwezige binnenwerk van de molen én de maalderij. Tijdens het openbaar onderzoek, dat liep tot 18 december 2003, werd (behalve door de eigenaar) geen verzet aangetekend. En nog in december gaf de Bestendige Deputatie van de provincie West-Vlaanderen een gunstig advies. Op 3 mei 2005 volgde de definitieve beschermd als monument en als dorpsgezicht.

Na het overlijden van de laatste molenaar-bewoner Omer Rommel in 2007, ging de molen over naar zijn neven en nichten Willy, Maria, Marleen, Daniël en Geert Rommel. Het erf met de molen werd in 2008 te koop aangeboden. Ondergetekende richtte namens Molenzorg Vlaanderen vzw in maart 2008 een schrijven aan het gemeentebestuur van Middelkerke met een voorstel tot gemeentelijke betrokkenheid.

De gemeente Middelkerke bracht in 2011 de aankoopprocedure op gang. De familie Rommel had begin 2011 een schrijven gericht aan de gemeente om de molen aan te kopen. Een grote impuls werd gegeven door de vele honderen mensen die de Groenhagemolen ter gelegenheid van Open Monumentendag 2010 hebben bezocht. Het college vroeg het aankoopcomité een schatting op te maken, dat lager uitviel dan de oorspronkelijke raming. Op basis van dat verslag werd een bedrag van 350.000 euro vrijgemaakt via een budgetwijziging (gemeenteraad 21 juni 2011).

Op 9 november 2012 werd een ontwerper aangeduid. In de begroting 2015 van de gemeente Middelkerke werd 500.000 euro voorzien voor de molensite, met o.m.het maalvaardig maken van de mechanische maalderij en de restauratie van de molenromp. Dit betekent evenwel nog niet dat de werken in 2015 een aanvang zullen nemen. Vooreerst dient, volgens het nieuw onroerenderfgoeddecreet die op 01.01.2015 in voege treedt, nog een beheersplan opgemaakt te worden.

Lieven DENEWET & Herman HOLEMANS

<p>Groenhagemolen<br />Molen Rommel</p>

De romp en de mechanische maalderij: een mooie combinatie. Foto: Kris Verhaeghe, 2006

<p>Groenhagemolen<br />Molen Rommel</p>

Steen met bouwheer en -jaar boven de toegangsdeur

<p>Groenhagemolen<br />Molen Rommel</p>

De mechanische maalderij. Foto: Robert Van Ryckeghem, 17.09.2006

<p>Groenhagemolen<br />Molen Rommel</p>

De mechanische maalderij. Foto: Robert Van Ryckeghem, 17.09.2006

<p>Groenhagemolen<br />Molen Rommel</p>

Prentkaart Nels. Verzameling Ons Molenheem

Aanvullende informatie

Bescherming als monument en als dorpsgezicht (Belgisch Staatsblad, 30.06.2005).
Bij ministerieel besluit van 3 mei 2005 wordt beschermd, overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 3 maart 1976 tot bescherming van monumenten, stads- en dorpsgezichten, gewijzigd bij de decreten van 18 december 1992, 22 februari 1995, 22 december 1995, 8 december 1998, 18 mei 1999, 7 december 2001 en 21 november 2003 :
1° Wegens de industrieel-archeologische waarde : - als monument :
Het molenerf Rommel met molenromp, mechanische maalderij, kasseiverharding en bakhuis, met inbegrip van de cultuurgoederen die er integrerend deel van uitmaken, inzonderheid de bijhorende uitrusting en de decoratieve elementen, gelegen te
Middelkerke (Leffinge), Groenhagestraat +21, 21;
bekend ten kadaster :
Middelkerke, 5e afdeling, sectie B, perceelnummer(s) 441K, 444M(DELEN).
2° Wegens de industrieel-archeologische waarde :
- als dorpsgezicht :
Het molenerf Rommel, gelegen te
Middelkerke (Leffinge), Groenhagestraat +21, 21;
bekend ten kadaster :
Middelkerke, 5e afdeling, sectie B, perceelnummer(s) 441K, 444M(DEEL).

Te koop (maart-december 2008/2010): Molen met bijhorende maalderij en bakhuis, samen geklasseerd.
Woonhuis met beschermd bakhuis, molenhuis/maalderij, molen, oppervlakte: 1677 m².
Referentienr.: R/159
Kadastraal inkomen: 458,00 euro
Vraagprijs: 300.000 euro (vanaf € 2070 per maand)
Beschikbaar vanaf: Vrij bij akte.
Opmerkingen:
Afzonderlijk niet geklasseerd woonhuis met op het gelijkvloers: gang, living, keukenruimte en slaapkamer zolderruimte mogelijks in te richten met een grondoppervlakte van 1.677 m².
Agence Eeckhout
Jozef II-straat 45-49
8400 0ostende
tel. 059 707010, fax 059 515551
info@eeckhout.be, www.eeckhout.be

Bestendiging van de bescherming.
Dirk Van Mechelen.
Vlaams Minister van financiën en begroting en ruimtelijke ordening.
Antwoord op vraag nr. 121 van 20 juni 2007 van Joris van Hauthem.
2. Sinds 1 juli 1997 werden 9 aanvragen voor (gedeeltelijke) wijziging of opheffing van bescherming ingediend, indien noodzakelijk ter advies voorgelegd aan de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen (KCML), en uiteindelijk negatief beantwoord door de minister, bevoegd voor het onroerend erfgoed:
(8) Aanvraag door de eigenaar tot opheffing van de bescherming als monument van het molenerf Rommel en molenromp, gelegen Groenhagestraat 21 en 21+ te Leffinge (Middelkerke). De eigenaar stelde dat de site in slechte staat verkeert, en dat de eventuele restauratie te duur zal zijn. De KCML stelde d.d. 3 februari 2006: "Gezien het algemeen belang van het molenerf Rommel met molenromp e.a., omwille van de industrieel-archeologische waarde zoals omschreven in het beschermingsbesluit; gezien de vaststelling dat de waarden die tot de bescherming aanleiding hebben gegeven onveranderd zijn gebleven en evenmin door de aanvrager worden betwist; gezien de kostenraming voor uit te voeren instandhoudingswerken dd 20/7/2005, aangevoerd door de aanvrager om een eventuele opheffing van bescherming in overweging te nemen, geen onderscheid maakt tussen de verschillende beschermingsstatuten van de betrokken gebouwen, niet-dringende werken betrekt en evenmin onderscheid maakt tussen dringende instandhoudingswerken en grondige restauratiewerken, en derhalve niet relevant is; gezien het ontbreken van aanwijzingen dat door de overheid onredelijke eisen zouden zijn gesteld inzake instandhouding, en molens en installaties met industrieel-archeologische waarde kunnen genieten van een royale premieregeling; brengt de KCML een ongunstig advies uit over de vraag tot opheffing van de bescherming als monument en als dorpsgezicht van het molenerf Rommel met molenromp in Middelkerke. De KCML dringt er bovendien op aan dat de administratie desgevallend contact zou opnemen met de betrokken gemeente of molenverenigingen, teneinde te vermijden dat door de eigenaar in geval van aanmaning overmacht zou worden ingeroepen". Conform het advies van de KCML, ben ik niet ingegaan op de aanvraag. De argumenten van de eigenaar waren overigens identiek aan hun bezwaren in de loop van de beschermingsprocedure. Ook toen heb ik, gelet op de adviezen van mijn administratie en de KCML, de bescherming bestendigd.

Edwin Fontaine, "Laatste molen van Middelkerke te koop. Molenzorg ijvert voor redding Rommelsite", in: Het Nieuwsblad, 20.03.2008.
Leffinge - De werkgroep West-Vlaamse Molens en de vereniging Molenzorg Vlaanderen vragen dat het gemeentebestuur acties onderneemt voor de molensite Rommel in Leffinge. 'Ons voorstel zal de gemeente amper extra geld kosten', zegt molenkenner Lieven Denewet.
De Groenhagemolen in Leffinge staat bekend als de Rommelmolen en dateert van 1871. Tot 1986 werd ze uitgebaat door Omer Rommel, die ook nadien nog in het molenaarshuis woonde. In 2005 werden de molenromp, de maalderij en het bakhuis beschermd.
Na het overlijden van de laatste molenaar werden de site en de niet-beschermde woning onlangs te koop aangeboden. In de gemeente wordt gevreesd dat de toekomstige eigenaars de molen zullen laten verkommeren. Bij het schepencollege viel dan ook een brief in de bus van Lieven Denewet van Molenzorg Vlaanderen en de werkgroep West-Vlaamse molens.
'We vragen dat de gemeente een grotere betrokkenheid toont bij de laatste molen op haar grondgebied. De site is beschermd en de gemeente moet sowieso vijftien procent betalen van alle werken die ooit uitgevoerd worden. Het is daarom interessant dat er een erfpachtovereenkomst afgesloten wordt. In dat geval betaalt de gemeente twintig procent en houdt ze het erfgoed in stand. Bovendien blijft bewoning en verbouwing van de bestaande woning mogelijk.'
'De Couchezmolen in Kortemark en Witte Molen in Oudenburg hebben zo'n overeenkomst en dat resulteert in mooie projecten. Maar we zijn ook realistisch en kunnen niet eisen dat er nu meteen weer wieken op de molen komen zoals in De Haan en Koksijde. De erfpacht laat wel toe dat de site niet verloren gaat en maakt op lange termijn een groter engagement en ontwikkeling van de site mogelijk. Er zijn in de provincie nog maar een vijftigtal molens en aan de Middenkust zijn er zelfs heel weinig. Daarom is de Groenhagemolen zo belangrijk.'
Schepen Carine De Jonghe (Open VLD) wil het dossier eerst bestuderen voor ze uitspraken doet. Schepen Lode Maesen (Progressief Kartel) staat achter het voorstel. 'De molen heeft een grote waarde voor de omgeving en wij willen zeker het voorstel van de werkgroep onderzoeken.'

Persbericht CD&V Middelkerke, 20.03.2008.
"Molensite Rommel in Leffinge eerste uitdaging voor erfgoedcommissie?"  (Wim Desender).
Enkele dagen geleden ontving het schepencollege en heel wat gemeenteraadsleden een voorstel van de vereniging Molenzorg Vlaanderen Vzw omtrent de toekomstplannen voor de Molensite Rommel in de Groenhagestraat in Leffinge.Met de installatie van de nieuwe erfgoedcommissie in de gemeenteraad van gisteravond lijkt dit voorstel voor CD&V Middelkerke een eerste grote uitdaging.Door het bestuderen van dit voorstel kan Middelkerke een nieuwe toeristische attractie toevoegen aan haar patrimonium en bovendien op hetzelfde ogenblik haar erfgoedpatrimonium in stand houden.CD&V Middelkerke hoopt dan ook dat het Middelkerkse gemeentebestuur aan de erfgoedcommissie de opdracht geeft om dit voorstel grondig te bestuderen.

----------

Jan-Baptist Dreesen. "Merkwaardige Oostendse gebouwen. De laatste Oostendse maalderij", De Plate, jg. 1978, nr. 10 (okt.), p. 112-113.
Torhoutse steenweg 496 bij de gebroeders ROMMEL waar de laatste Oostendse molenstenen knarsen...... en waar ze nog als een rustige brok dorpsromantiek langs de muur staan (foto's)  J.B. Dreesen
Aansluitend op het Oostendse Molenartikel van de heer Daniël FARASYN (De Plate, nr 9, blz. 11, 78/97) meenden we er goed aan te doen even de laatste, nog bestaande, Oostendse maalderij in herinnering te brengen.

Op de Torhoutse Steenweg verbonden aan het huis nr 496 is rechts een inrit met groene ingangspoort. Links en rechts langs de muur staan een paar molenstenen wat een onmiddellijke aanduiding is van de bedoelingen ter plaatse.
Deze maalderij werd in 1923 opgericht door de heer Omer Billiouw-Coecke, vader van ons geacht medelid mevrouw Daems. Voordien baatte op deze plaats de heer Louis Brackx een wagenmakerij uit. De drijfkracht voor de maalderij werd geleverd door een authentieke armgas motor van het merk DEUTZ van 28 pk, die uit het begin van deze eeuw stamt en een blikvanger zou zijn in een museum voor Industriële Archeologie. De heer Billiouw baatte de zaak uit tot 1952, waarna ze werd overgenomen door de gebroeders ROMMEL, zonen uit een oude molenaarsfamilie. Zij vormen de 4de generatie in een molenaarsgeslacht dat zijn bezigheden opnam in Eerregem, om over Varsenare, Leffinge in Oostende te geraken.

Dat het malen in de familie zit blijkt uit het feit dat een andere broer Rommel de maalderij te Leffinge openhoudt, terwijl een neef Rommel hetzelfde doet te Middelkerke. Een rustend oom molenaar in Leffinge wordt dit jaar 91 jaar. Van een gezond beroep gesproken.

Een van de eerste veranderingen van de gebroeders Rommel was overgaan van armgas op mazout voor hun motor die de drijfkracht van het bedrijf levert. Momenteel dringt zich weer een nieuwe aanpassing op namelijk de overschakeling op elektriciteit.
Uitlaatgassen vormen meer en meer een hinder.
De maalderij van de gebroeders Rommel maalt voornamelijk voedergranen, d.w.i. meel voor dierenvoeding bestemd. Maar regelmatig komt ook nog een onze inlandse tarwe aan de beurt zodat u meteen weet waar naartoe voor uw zelf te bakken broodje.

Om de 7 maanden moeten de stenen geslepen worden. Daarvoor doen de gebroeders Rommel beroep op Ary Huyghe te Dikkebus, een specialist van de oude school, die op een normale arbeidsdag 2 molenstenen terug bedrijfsklaar maakt.

De heer Rommel noemt de zaken niet te schitterend "Maar, zegt hij, we doen gelijk de hennon ue doen voort". Ogenschijnlijk is er echter toch een grote belangstelling voor de produkten van de maalderij,'want het is een continu komen en gaan van klanten.

Het zijn wel meestal kleine klusjes, maar vele kleintjes vormen ook een groot, maar je moet er veel voor doen. Wij wensen de gebroeders Rommel nog een lange en lucratieve bedrijvigheid in hun "laatste Oostendse maalderij".

Literatuur

Archieven
Gemeenteachief Middelkerke, Archief over het beheer van de gebouwen en de onroerende domeingoederen, Akten en bijhorende dossiers. Referentie BE GAM/MID/15/SEC/2012/P.B./7/A111. Aankoop van een huis met landgebouw (molen en maalderij) op en met grond gelegen in de Groenhagestraat te Leffinge aan de kinderen Rommel, 2011-2012, 1 omslag. Akte verleden voor notaris Ides Vander Heyde. Nieuwe eigenaar: Gemeentebestuur Middelkerke.

Werken
Lieven Denewet, "Bescherming van molenerf Rommel (Groenhagemolen) te Leffinge", in: Mededelingenblad Werkgroep West-Vlaamse Molens, XIX, 2003, nr. 4, p. 175-177.
Lieven Denewet, "Pleidooi voor de renovatie van Molen-erf Rommel te Leffinge", in: West-Vlaams Molenblad, XXIV, 2008, 1, p. 7-18.
K. De Vos, "Geschiedkundige schets van de gemeente Leffinghe", Brugge, 1884.
Carlo Loontiens, "Les derniers moulins à vent dans l'arrondissement d'Ostende", Oostende, 1939.
"De molens van Middelkerke", in Graningate (Driemaandelijks tijdschrift van de Heemkring van Middelkerke), II, 1982, nr. 5, p. 1-87.
Lorthiois Jacques, "Flandre Occidentale. Meuniers et moulins de West-Flandre", L'Intermédiaire des Généalogistes, n° 170, XXIX, 1974, 2, p. 116-126 (121).
R. Van der Heyde, "Molens te Leffinge en Lombardsijde en de twee oudst gekende molens in Camerlinckx Ambacht", in: Graningate (Driemaandelijks tijdschrift van de Heemkring van Middelkerke), nr. 22, jg. VI, 1986, juni, p. 115-123, plan.
R. Van der Heyde, "Nog molennieuws uit Leffinge en Walraversijde", in: Graningate (Driemaandelijks tijdschrift van de Heemkring van Middelkerke), nr. 23, jg. VI, 1986, sept., p. 160-161.
Jeroen Cornilly, "Nieuw op de monumentenlijst", in: In de Steigers, XIII, 2006, 3, p. 75-93 (76).
Lieven Denewet, "Vier Vlaamse molens te koop (mei 2008)", in: Molenecho's, XXXVI, 2008, 2, p. 90-91.
"De Groenhagemolen te Leffinge", in: Curiosa, 47ste jg., nr. 468, oktober 2009, p. 17-18.
Lieven Denewet, "West-Vlaams molennieuws, zomer 2011", in: /West-/Vlaams Molenblad, 27ste jg., 2011, 2, p. 60-64.
Herman Holemans, Westvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel 4. Gemeenten K-L, Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1997.
Mailbericht Marnix Rommel, 10.12.2014, achterkleinzoon van Louis Rommel-Kint, molenaar op de Groenhagemolen te Leffinge.

Persberichten
D. Vervaecke, "De molenaar uit Leffinge heeft de tijd zien stilstaan", in: De Zeewacht, 19 december 1978.
Johan, "Omer Rommel is eigenaar van het ter bescherming voorgelegde molenerf Rommel in Leffinge", in: De Zeewacht, 09.01.2004, p. 23.
Edwin Fontaine, "Laatste molen van Middelkerke te koop. Molenzorg ijvert voor redding Rommelsite", in: Het Nieuwsblad, 20.03.2008.
BPM, "Leffinge. 'Groenhagemolen moet blijven'", in: Het Laatste Nieuws, 29.03.2008, p. 39.
EFO, "Laatste molen in Groot-Middelkerke staat te koop. Noodkreet voor Groenhagemolen", in: De Zeewacht, 21.03.2008, p. 56.
PBM, "Uit de gemeenteraad", De Zeewacht, 09.10.2009.
SVW, "Nieuwe straat krijgt naam Kore Zwepenstraat. Voorstel Graningate", in: De Zeewacht, 23.10.2009.
Georges Keters, "Groenhagemolen in Leffinge opent deuren tijdens Open Monumentendag. Op zoek naar een koper", in: Krant van West-Vlaanderen, ed. West, 10.09.2010.
VLN, "Progressief Kartel wil Groenhagemolen redden", in: Het Nieuwsblad, 05.10.2010.
VLN, "Tegen aankoop molen", Het Nieuwsblad, 06.10.2010.
Georges Keters, "Progressief Kartel vraagt dat gemeente Molen Rommel aankoopt. "Momenteel geen kredieten", De Zeewacht, 08.10.2010.
Paul Bruneel, "Gemeente wil dan toch Groenhagemolen aankopen", Het Laatste Nieuws, 06.07.2011, p. 17.
Dominique Jauquet, "Gemeente wil 'molen Rommel' restaureren", Het Nieuwsblad, 28.07.2011.
SRA, "Gemeente wil Molen Rommel kopen", De Zeewacht, 05.08.2011.
Dany Van Loo, “Gemeente koopt geklasseerde Groenhagemolen”, Het Nieuwsblad, 16.12.2011.
Danny Van Loo, "Gemeente stelt Groenhagemolen open voor publiek. Molen moet Leffinge op toeristische kaart zetten", Het Nieuwsblad, 17.12.2014.
BPM, "Middelkerke. Groenhagemolen tegen zomer open voor publiek", Het Laatste Nieuws, 03.01.2015.
"Restauratie gestart van oude dieselmotor op de Groenhagesite in Leffinge", De Zeewacht, 19.10.2016.
Dany Van Loo, "Uitgeleefde 'Rommelmolen" wordt verder gerestaureerd. 'Groenhagesite moet vaste toeristische attractie worden", Het Nieuwsblad, 21.10.2016.
Jan-Baptist Dreesen. "Merkwaardige Oostendse gebouwen. De laatste Oostendse maalderij", De Plate, jg. 1978, nr; 10 (okt.), p. 112-113.


Laatst bijgewerkt: donderdag 13 december 2018
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens