Molenzorg
Geluveld (Zonnebeke), West-Vlaanderen
<p>Geluveldmolen</p>
Foto: Lieven Denewet
Naam

Geluveldmolen

Ligging Geluveldplaats
8980 Geluveld (Zonnebeke)

50°50'2.35" N 2°59'44.64" E


toon op kaart
Geo positie 50.834610, 2.994053
Eigenaar Gemeente Zonnebeke
Gebouwd voor 1480 / 1550 / voor 1640 / 1925
Type Staakmolen met gesloten voet
Functie Korenmolen
Kenmerken Hoge teerlingen, vliegende gaanderij (gedemonteerd)
Gevlucht/Rad Houten pestelroeden (verwijderd)
Inrichting Twee steenkoppels (gedemonteerd)
Toestand Gedemonteerd
Bescherming M: monument,
13.06.1973
Molenaar Geen
Openingstijden Niet toegankelijk
Ten Bruggencatenummer 06538

Beschrijving / geschiedenis

Op zowat het hoogste punt van de gemeente, 100 meter oostwaarts van de kerk, stond sinds de Middeleeuwen de banmolen, toebehorend aan de heerlijkheid Gheluvelt. Het was de ingezetenen van de heerlijkheid aldus verboden granen te laten malen in een andere molen. De heren van Geluveld waren eigenaar van de banmolen op hun heerlijkheid. De banmolen of dwangmolen is de molen binnen een ban (het rechtsgebied van de heer). De onderhorigen van de heer waren verplicht hun koren op die molen te laten malen. Alleen de heer had het recht op zijn grondgebied een molen op te trekken. De molen staat getekend op de kaart van Antonius Sanderus van 1641. Toen was Jan de Vooght de heer van Geluveld.

Waarschijnlijk bestond hij toen al ongeveer 150 jaar want Antheunis van der Stoct, tweede heer van Geluveld, was eigenaar van een ‘behuusde hofstede' en bezat het recht om een ‘wyntmeulne' op te trekken in 1473. In de Archives Départementales du Nord te Rijsel vonden we dat de windmolen van Geluveld in 1480-1490 vernield werd om pas in 1550 weer te verrijzen krachtens een octrooi van keizer Karel.

De banmolen was een staakmolen met gesloten voet die stond langs de weg Menen-Ieper op het hoogste punt van Geluveld. Van 1737 tot 1966 was de molen eigendom van de adellijke familie Keingiaert de Gheluvelt.

In 1791 was Albert Charles Devos de molenaar op Geluveldmolen. Hij was eveneens schepen. Hij had als zonen Lucas, Eugeen, Charles, Pieter en Joseph, alle molenaar van beroep. Zo bleef de molen uitgebaat door een Devos tot 1830. Oude documenten spreken met betrekking tot Maria van de Kelder, weduwe van Lucas Devos, als zijnde molenarisse, winkelierigge en bakkerinne. Vanaf 1830 is Eugeen Vuylsteke de ‘molder' op de banmolen, opgevolgd door François Vanheule in 1834. Vanaf 1856 is Charles Igodt de molenaar, na 1860 Jan D'Hooghe en nog later Joannes Vanderstraeten van Zandvoorde. Begin de jaren 1880 werd Frederic ("Fré") Verhellen (Ooike 1843 - Geluveld 1912) de molenaar. Voorheen was hij molenaarsknecht geweest in Heurne en Ooike bij Oudenaarde en sinds de jaren 1870 te Beselare (Bergmolen). Zijn zoon Charles Louis Verhellen (Geluveld 1892 - Moeskroen 1958) was de molenaar bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog, waarin hij oudstrijder werd.

De molen van de familie Keingiaert de Gheluvelt werd neergeschoten door de Duitse Richtkanonnier Dinkel van de 9de Batterij van 54ste Würtembergs Artillerie Regiment op 27 oktober 1914. Hij trof raak van op de wijk De Oude Hond.

In 1923 kocht juffrouw Leonie Keingiaert de Gheluvelt de Plaatsmolen van Watou aan. Zij was burgemeester van Geluveld: de eerste vrouwelijke burgemeester van België! Haar vader was burgemeester van Ieper geweest op het einde van de 19de eeuw. Deze adellijke famiie speelde een belangrijke rol in de regionale politiek. In Geluveld bezat men een kasteel, dat tijdens de Eerste Wereldoorlog werd vernield en in de jaren 1930 in dezelfde stijl op de vroegere plaats werd herbouwd. In een poging het verleden te reconstrueren besloot Leonie Keingiaert dan ook de molen van Alfons Doolaeghe aan te kopen en in Geluveld te herbouwen op de plaats van de verwoeste voorganger.

De molenbelt moest weer aangelegd worden waarop de molen verrees. De opbouw in 1925 gebeurde door molenbouwer Charles-Louis Capon uit Wervik. Om een goede windvang te verzekeren, werd de windmolen op uitzonderlijk hoge teerlingen geplaatst, waardoor het noodzakelijk was een hangende gaanderij aan te brengen. Hij draaide voor het eerst opnieuw op 29 oktober 1926. Jules Devos, de waard van de herberg 'Het Brouwershof' was nu de molenaar van dienst. Omdat de maalinrichting van de Geluveldmolen gebrekkig was, werd de molen na zes jaar al stilgelegd.

De molen raakte volledig in verval. Eind de jaren 1970 werd een restauratiebestek opgemaakt door ir.-arch. Walter Snauwaert uit Oostende (°Ingelmunster 1928 - +Oostende 2011). Het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente Zonnebeke sloot op 7 november 1980 een overkomst met deze architect. Hierbij werd de molen, samen met de standplaats (4 a 20 ca) aan de architect verkocht voor de prijs van 1 frank. De belangrijkste bepaling van die van de restauratie: "De koper verbindt zich er toe in elk geval de molen ter plaatse te laten restaureren in zijn oorspronkelijke staat op voorwaarde dat de gebruikelijke toelagen bekomen worden en mits gunstig advies om de molen ter plekke te behouden."

In 1982 werden de pestelroeden uitgehaald en in 1992 werd de molen volledig ontmanteld. Gelukkig werden de onderdelen "ingepakt" en kocht de gemeente Zonnebeke in 2005 de molen opnieuw aan (voor 7500 euro) van de vorige eigenaar, Walter Snauwaert, om hem op het grondgebied van de gemeente weer te bouwen en maalvaardig te laten herstellen.
Burgemeester Dirk Cardoen van Zonnebeke verklaarde in 2009 dat het restauratiedossier niet voor 2013 zal opgestart worden. Aangezien het gemiddeld vijf jaar duurt tussen de start van een dergelijk dossier en de realisatie, valt nu helaas geen heropbouw te verwachten voor 2015 à 2020.

Op 16 januari 2012 verleende het college van burgemeester en schepenen van Zonnebeke een bouwkundige vergunning aan Lecarbo bvba uit Zonnebeke om achter de woning van de Kasteelstraat nr. 2 (kadasterperceel Zonnebeke, 4de afdeling, Geluveld, sectie A 648k) een werkplaats (voor herstellingen van machines) met bureel te bouwen, na de sloop van een bestaande loods op deze site. De nieuwe loods werd vlak naast de molenberg opgericht. De molen was al sterk ingebouwd en is nu zodanig ingesloten, dat een herbouw op deze plaats niet meer wenselijk is. Er dient een nieuwe standplaats gezocht te worden. Verplaatsing buiten de gemeente is evenwel niet toegestaan, omwille van het koopcontact in 2005 van de gemeente Zonnebeke.

Zie ook: Watou, Plaatsmolen

Lieven DENEWET

<p>Geluveldmolen</p>

Foto: Maarten Osstyn, Adegem, 2014

<p>Geluveldmolen</p>

Foto: John Verpaalen, 1990 (uitg. als prentkaart door Stichting Levende Molens, Roosendaal)

<p>Geluveldmolen</p>

Toestand in 1971 (Foto: collectie N. Sonneveld-Riper)

<p>Geluveldmolen</p>

Prentkaart na 1925. Verzameling Ons Molenheem

<p>Geluveldmolen</p>

Foto Alfred Ronse, 1926, kort na de heropbouw, afdruk van glasnegatief coll. Stichting Levende Molens Roosendaal.

Literatuur

Jozef Maes, De Oude Molen van Geluveld in: De Belgische Molenaar, LXII, 1967, nr. 17, p. 246-247.
Chr. Devyt, "Westvlaamse windmolens. Inventaris volgens de toestand op 1 januari 1965", Brugge, 1966, p. 72;
Luc Devliegher, "De molens in West-Vlaanderen", Tielt/Weesp, 1984, p. 420-421 (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 9);
Jeroen Cornilly, "Monumentaal West-Vlaanderen. Beschermde monumenten en landschappen in de provincie West-Vlaanderen. Deel 1. Arrondissementen Ieper, Kortrijk, Roeselare, Tielt", Brugge, 2001, p. 239;
John Verpaalen, "Molens van de frontstreek", Kortrijk, 1995, p. 62-65;
A.R. Goussey, "De windmolens van Watou", in: Bachten de Kupe, IX, 1967, p. 154-159; opnieuw verschenen in: Aan de Schreve, X, 1980, 4, p. 1-5;
Roland Annoot, "De molens in het Westland", Ieper, 1950, p. 12;
Jozef Maes, "De oude molen van Geluveld", in: De Belgische Molenaar, LXII, 1967, nr. 17 (7 sept.), p. 246-247;
(L. Smet), "Geluveld", in: Molenecho's, VI, 1978, p. 50-51;
John Verpaalen, "Windmolens in de actualiteit [Langemark; Geluveld; Zarren-Werken; Merkem; Komen; Diest; Tessenderlo]", in De Belgische Molenaar en Levende Molens, jg. 77 (1982), nr. 11 (november), p. 236 en 245, ill.;
Marcel Pauwels, "De molens van Geluveld", in: Zonneheem, Heemkundig tijdschrift van 'De Zonnebeekse Heemvrienden', Zonnebeke, jg. 8, 1979, nr. 2, z.p., ill., plan;
Dirk Ooghe, "De molen(s) van Geluveld", in: Het Zonneheem, 38ste jg., 2009, nr. 2 (april-juni), p. 21-32.
Herman Holemans, "Westvlaamse wind- en watermolens. Kadastergegevens 1835-1990. Deel III. Gemeenten H-J", Kinrooi, Studiekring Ons Molenheem, 1995.
E-mail van Nick Verhellen, Hooglede, 07.01.2011 (achterkleinzoon van molenaar Frederic Verhellen).

Persberichten
"De houten windmolen en nabijliggende bossen worden provinciegoed", Het Ypersch nieuws", 21.08.1970, p. 13.
Tz., "Geluveldse molen wordt opgeknapt en gaat verhuizen", in: Het Laatste Nieuws, 17 augustus 1978.
BI, "Molen van Geluveld wordt gerestaureerd", Het Wekelijks Nieuws, 31.01.1992, p. 25.
SHI, "Staakmolen in de eerste herstellingsfase", Het Laatste Nieuws, 19.06.1992, p. 16.
N. V(andewiele), "Gemeente koopt de Geluveldse korenstaakmolen. Restauratie kan beginnen", in: Het Wekelijks Nieuws, 22.07.2005.
EV, "KWB presenteert ‘Molenwiekend door Geluveld'. Gheluveltmolen herrijst", in: Het Wekelijks Nieuws, 05.06.2009.
DDW, DMN, "Geluveld. KWB wil staakmolen heropbouwen", in: Het Laatste Nieuws, 12.06.2009, p. 17.
PLI, "Molen", in: Het Nieuwsblad, 16.06.2009.
"De Geluveldmolen wordt niet verkocht", De Weekbode, 08.02.2014.


Laatst bijgewerkt: zaterdag 13 augustus 2016
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens