Molenzorg
Sijsele (Damme), West-Vlaanderen
Naam

Allekerkemolen
Alkerkmolen
Roelsmolen
Oudeakkermolen

Ligging Antwerpse Heirweg 25
8340 Sijsele (Damme)

zuidzijde
kadasterperceel C137
1,7 km NO v.d. kerk


toon op kaart
Geo positie 51.209591, 3.343949
Eigenaar Christiane Roels
Gebouwd 1633 / 1700, overgebracht uit Brugge (hout) / 1873 (steen)
Type Stenen bergmolen
Functie Koren- en oliemolen
Kenmerken Rondboogingangen en -vensters
Gevlucht/Rad Verwijderd in 1937
Inrichting Nog balken en trappen. Mechanisme verwijderd. Er waren twee steenkoppels.
Toestand Enkel nog de romp zonder kap
Bescherming ---,
Niet beschermd, wel vastgesteld als bouwkundig erfgoed
Molenaar Geen
Openingstijden Niet toegankelijk
Internet bron

Allekerkemolen
Alkerkmolen
Roelsmolen
Oudeakkermolen

<p>Allekerkemolen<br />Alkerkmolen<br />Roelsmolen<br />Oudeakkermolen</p>

Foto: Maarten Osstyn Adegem, 07.04.2010  

Beschrijving / geschiedenis

De Allekerkemolen is een stenen korenwindmolen aan de zuidzijde van de Antwerpse Heirweg (nr. 25), op wijk Allekerke, ten oosten van de wijk "Den Doorn", op het erf van een boerderij tegenover het Vijverhof. De Allekerkemolen bevindt zich in een prachtig groen kader, midden de velden.  Het betreft een voormalig heidegebied dat na een grote brand werd omgevormd tot woeste grond en akkerland, dat in de loop der tijden werd opgekocht door verschillende Brugse instellingen en tevens door het Damse Sint-Janshospitaal. De Antwerpse Heirweg was vroeger een belangrijke verbindingsweg ten oosten van Brugge.

De molen is genoemd naar het gehucht "Allekerke (Akker)", gelegen ten oosten  van de wijk "Den Doorn" en al vermeld op de kaart van Pieter Pourbus (1561-1571)

De molen werd in 1633 gebouwd als een houten korenwindmolen. Jan de Lawaerde had daartoe in 1633 octrooi bekomen, voor een graanwindmolen "op de plaetse van heerl hallekerkackere".

Franse troepen staken op 23 december 1683 de molen, toen in het bezit van Jan de Pauw, in brand. Molenaar Jan Houtemaertens betaalde in 1684 geen belasting op de molen.

Het molenaarsambacht van Brugge kocht in 1700 de Kattemolen op de Smedenvest te Brugge, om ermee alleen boekweit te malen (men spreekt niet van gerst). Het ambacht beschikte toen in totaal over achttien draaiende korenmolens, terwijl de behoeften van de bevolking konden verholpen worden door tien tot twaalf windmolens. Het college verbood echter dat de molen zou gebruikt worden om boekweit te malen ‘op dat sulcx alleene soude geploghen worden door het cleen gemeente metter hant’. Liever dan de Kattemolen stil te laten staan of de nering van ieder korenmolen nog te verminderen, vroeg het ambacht dan de molen te mogen overbrengen naar Sijsele, waar de Allenkerkemolen over 6 of 7 jaar door de ‘vijand’ was verbrand, en waar reeds octrooi en consent van het college van Sijsele was bekomen om een molen op te richten. De wal van de Allenkerkemolen kwam in 1700 in handen van deze groep Brugse molenaars “tsaemen maeckende eene gheassocieerde compagnie.” Zij bracht in 1700 de molen « De Catte » over van Brugge naar Sijsele en noemen hem de Allenkercke molen. In 1763 verkocht de groep - op dat ogenblik bestaande uit 25 leden - de molen aan Pieter de Vos.

De molen wordt afgebeeld op de:
- kaart van Pieter Pourbus (1561-1571)
-  Ferrariskaart (ca. 1775) met het bruin symbool van een staakmolen op teerlingen en met de benaming als de "Alykercke Meulen" op de 1770-1778)
- Atlas der Buurtwegen (1845), met het grondvlak van een staakmolen op teerlingen en met de benaming "Alkermolen, Moulin"
- Topografische kaart van Ph. Vandermaelen (ca. 1850) als "Alkerk Molen"
- Kadastrale kaart van P.C. Popp (ca. 1860) als "Alkerk Molen".

Gekende eigenaars
- 1633, opbouw: Jan de Lawaerde
- 1681-1686: Jan de Pauw na aankoop van Jean de Lauwaerde (Leeuwaerde)
- 1696-1697 kinderen Jan de Pauw
- 1698-1700: Jacques Mys en consoorten
- 1700-1763: compagnie van Brugse molenaars (in 1764: 25 leden)
- 1763, verkoop: Pieter de Vos
- 1770-1771: Frans de Vos
- 1771-1775: erfgenamen Frans de Vos
- 1775-1785: Joseph van de Velde
- 1785-1827: Bernard Charlet (Cherlet, Sarlet):
- 1827-1836: erfgenamen Bernard Charlet
- 1836, verkoop: Cherlet Joseph, smid te Sijsele
- later, erfenis: de erfgenamen (overlijden van Joseph Cherlet)
- 15.03.1836, deling: Van Loo-Cherlet Amand, molenaar te Sijsele (notaris Claerhoudt)
- 04.08.1866, verkoop: Degroote Jan, landbouwer te Lissewege (notaris Debusschere)
- 31.12.1866, verkoop: Degroote Pieter, molenaar te Sijsele (notaris Debusschere)
- later, eigenaar: Van Belleghem-Timmerman Josephus Frans en de kinderen, molenaar te Sijsele
- 20.07.1923, registratie: Van Belleghem Marie Rosalei, landbouwster te Sijsele (notaris Debusschere)
- 1947, huwelijk: Roels-Van Belleghem Theophiel, landbouwer te Sijsele
- 01.06.1961, erfenis: de weduwe en de kinderen (overlijden van Theophiel Roels)
- 23.05.1964, gift: Roels-Verstrynghe Juliaan Joseph, landbouwer te Sijsele (notaris Vandeputte)
- 2017, eigenaar: Roels Christiane

Gekende molenaars
- tot 23.12.1683 (vernieling door Franse troepen): Jan Houtemaertens (betaalde in 1684 geen belasting meer op de molen)
- 1729: Jan d’Hooghe
- 1743-1749: Pieter de Rijcke
- 1751: Simon Verrest
- 1752-1760: Pieter de Rijcker (= niet dezelfde als Pieter de Rijcke)
- 1765: Pieter de Vos
- 1766-1771: Frans de Vos
- 1772-1775: Caerel Godderis
- 1776-1777: Pieter Adriaensens
- 1777-1784: De molen werd waarschijnlijk niet gebruikt. Er werd geen molenaar vermeld en er werden geen belastingen op betaald.
- 1785-1814: Bernard Charlet
- 1816: Charles Cherlet
- na 1900: Leon Van Belleghem
- na 1920: Theophiel Roels, gehuwd met de dochter van Leon Van Belleghem

In het begin van de 20ste eeuw was Leon Van Belleghem er molenaar. Zijn dochter Maria huwde later met Theophiel Roels die de nieuwe molenaar werd. Vandaar dat velen deze molen kennen als Roelsmolen. Voorheen was er de familie Cherlet.

In 1873 werd de staakmolen afgebroken en vervangen door de huidige stenen bergmolen. Het metselwerk van de molenkuip is onderaan 60 cm dik en bovenaan 50 cm. Via een overwelfde toegang heb je direct toegang tot de benedenverdieping. Deze molen deed dienst als graanmaalderij (2 steenkoppels met diameter 1,5 m) en als olieslagerij (met een kollergang met een diameter van 2,5 m). Al deze molenstenen zijn nu verwijderd. Er was ook nog een hulpmotor: een liggende eencilinder-dieselmotor met een groot vliegwiel dat met de hand op gang werd gebracht. Deze hulpmotor werd gebruikt bij windstilte of storm en soms ook in de winter.

Na 1900 was buurtbewoner Edward Coene een tijdlang molenaar, alsook August Van Haverbeke, bijgenaamd Madou. De molen bleef in gebruik tot ca. 1929. Op 20 augustus 1937 werden de wieken er afgehaald en in oktober 1941 ging de kap er af. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de romp gebruikt als uitkijktoren, bemand door eerst Duitse soldaten en later door de Vlaamse wachters waarvan enkele uit Sijsele. Deze collaborerende Vlamingen hadden een zwart uniform, een helm en een Mauser-geweer. Voor deze collaboratie zijn ze dan ook na de oorlog gestraft.

Er was een directe telefoonverbinding tussen de molentoren en de spoorlijn Maldegem-Sijsele. De laaghangende telefoondraden over de velden brachten bij boer Jules De Soete veel ongemak mee om zijn oogst van het veld te doen. Dit leidde dan ook tot discussie met de Vlaamse wachters. Volgend verhaal speelde zich daar af, in de buurt van de molen. Op zeker ogenblik werd er door de Vlaamse wachters vanop de molen geschoten, waarschijnlijk bedoeld als "grap", op de familie De Meyer, werkzaam op hun akker daar in de buurt. Gelukkig werd niemand getroffen. Het heeft in die periode en ook na de oorlog veel opschudding veroorzaakt.

Thans rest nog een romp zonder kap. Er is geen binnenwerk meer.

Sinds ca. 2015 is de oostzijde van deze mooie molenromp geweldig afgebrokkeld. Insijpelend regenwater tussen de steenlagen en daarop vriezen maakt dat de natuur langzaam maar zeker dit stukje erfgoed sloopt. Heel jammer.

Toch is zijn behoud, als beeldbepalend element in de landelijke omgeving, zeer wenselijk. De molen is niet beschermd als monument, maar werd op 5 oktober 2009 vastgesteld als boukundig erfgoed. De eigenaars laten mensen tot bij de molen, maar laten geen inwendig bezoek meer toe.

Enkele technische aspecten

De romp heeft nog zijn oorspronkelijke hoogte, maar vertoont verwering.
Overwelfde toegang doorheen de afgevoerde berg tot de benedenverdieping waarin voorheen de olieslagerij was. Verjongende romp doorbroken door rondboogingangen en -vensters benadrukt door bakstenen rondbogige druiplijsten.
Grotendeels verwijderd binnenwerk. Er waren o.m. een koppel verticale maalstenen, twee koppels maalstenen en een hulpmotor (eencilinder dieselmotor) met groot vliegwiel. Rond de molen zijn nog meerdere sporen te vinden van het binnenwerk. De binnentrappen zijn zeer slecht. De bovenste verdiepingen zijn daardoor bijna niet te betreden.
De benedenverdieping, waar de olieslagerij gevestid was, is vrij hoog. De trap naar de berg is op een zeer klein verhoog gemaakt. Van de kollergang en de slagbank is enkel de steunbalk van de slagbank nog over. Aan de andere kant zien we nog enkele objecten uit de vroegere kap. Deze zijn vermoedelijk bij de afbraak van de kap daar geplaatst. We zien een ladder die niet op zijn plaats zit en daaronder zien we nog de vangtrommel. Daarboven zien we de vloerbalken van de eerste verdieping. Deze tonen verschillende scheuren.
Voor de molen aan het toegangshekken van het erf zien we twee restanten van de vroegere twee steenkoppels. De maalstoelen zijn volledig verdwenen. De twee  klauwijzers werden buiten geplaatst om ze te gebruiken als hekpalen! Vroeger waren ze rood, thans zijn ze zwartgeschilderd.

Gerrit HUYBREGHTS, Lieven DENEWET, Ronny VAN LANDSCHOOT, Maarten OSSTYN, Romain VERNIEST

<p>Allekerkemolen<br />Alkerkmolen<br />Roelsmolen<br />Oudeakkermolen</p>

Foto: Ronny Van Landschoot, Sijsele, 2007

<p>Allekerkemolen<br />Alkerkmolen<br />Roelsmolen<br />Oudeakkermolen</p>

Foto: Robert Van Ryckeghem

<p>Allekerkemolen<br />Alkerkmolen<br />Roelsmolen<br />Oudeakkermolen</p>

Foto: Maarten Osstyn, 07.04.2010

<p>Allekerkemolen<br />Alkerkmolen<br />Roelsmolen<br />Oudeakkermolen</p>

Foto: Maarten Osstyn, 07.04.2010

<p>Allekerkemolen<br />Alkerkmolen<br />Roelsmolen<br />Oudeakkermolen</p>

Hergebruikt staakijzer. Foto: Maarten Osstyn, 07.04.2010

Literatuur

Luc Devliegher, "De molens in West-Vlaanderen", Tielt/Weesp, 1984 (Kunstpatrimonium van West-Vlaanderen, 9).
"1000 jaar Sijsele", Sijsele, 1976.
Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium, Fototheek ACL, nr. B145195 (1953).
C. Blondeel & P. Goddyn, "Sijsele in oude prentkaarten", Zaltbommel, 1975, afb. 28.
C. Devyt, "De generaliteit van de gort-en boekweitmaalders te Brugge", Biekorf, jg. 65, 1964, p. 374-384.
J. Rau, "Het Damme van toen en omgeving", Brugge, 1981, p. 133.
G. Van Poucke, "Archiefbeelden Damme", v.z.w. 't Zwin Rechteroever Grondgebied Damme/Gloucestershire, 2003, p. 44.
Romain Verniest, "Allekerkemolen," in Nieuwsbrief 't Zwin Rechteroever vzw, jg. 1 nr. 3, maart 2001, p. 9.
Romain Verniest, "Maalderijen in Sijsele in de twintigste eeuw", in Nieuwsbrief 't Zwin Rechteroever vzw, Damme, december 2000.
G. Callaert & E. Hooft m.m.v. P. Santy & L. Snauwaert, "Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Damme, Deel I: Stad Damme, Deelgemeenten Hoeke, Lapscheure en Moerkerke, Deel II: Deelgemeenten Oostkerke, Sijsele en Vivenkapelle, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL17", 2006.
De Flou K., "Woordenboek der toponymie van Westelyk Vlaanderen, Vlaamsch Artesië, het Land van den Hoek, de graafschappen Guînes en Boulogne, en een gedeelte van het graafschap Ponthieu", deel XV, Brugge, 1934, kolom 655-667.
De Smet J., "Aspecten uit onze geschiedenis", in "1000 jaar Sijsele", Brugge, 1976, p. 85-96.
Holemans H., "Kleine staakmolens te Sijsele opgericht in de periode 1878-1884", in Ons Molenheem, Kinrooi, nr. 2, 1994, p. 11-14.
Van Den Bon A., "Uit de geschiedenis van het duizendjarige Sijsele", in "1000 jaar Sijsele", Brugge, 1976, p. 7-48.
Verniest R., "Maalderijen in Sijsele in de twintigste eeuw", in Nieuwsbrief 't Zwin Rechteroever vzw, Damme, december 2000.
Verstraete D., "De bewoning van Sijsele in de XVIIe eeuw", in "1000 jaar Sijsele", Brugge, 1976, p. 97-107.
Wintein W., "Landschapsontwikkeling te Sijsele. Een historisch-geografisch overzicht vanaf de eerste ontginningen tot heden", in Bos en Beverveld, jaarboek 1967, nr. 2, p. 9-41.

Mailberichten
Maarten Osstyn, Beveren-Waas, 07.04.2010.
Ronny Van Landschoot, Sijsele, 18.07.2018.


Laatst bijgewerkt: donderdag 19 juli 2018
Stuur uw teksten over deze molen Stuur een (nieuwe) foto van deze molen  

 

De inhoud van deze pagina's is niet printbaar.

zoek in databasezoek op provincieStuur een e-mail over molen <?=$naam?>, <?=$plaats?>homevorige paginaNaar Verdwenen Molens